Kunstverzamelaar en miljardair Thomas Kaplan: 'Ik hou niet van middelmaat' (2024)

De New Yorkse ondernemer en miljardair Thomas Kaplan verzamelt Hollandse meesters uit de Gouden Eeuw. Vermoedelijk heeft niemand zoveel Rembrandts in bezit als hij: elf stuks. Zijn schilderijen houdt hij niet voor zichzelf. 
‘Ik gebruik kunst om te verbinden. In deze tijd is dat nodig.’

Thomas Kaplan is een van de zeldzame mensen die minstens twee weken van slag zijn door een jetlag. Zo omschrijft hij het zelf, daags nadat hij in New York is teruggekeerd uit Parijs, waar hij in het Louvre een tentoonstelling heeft geopend met dertig oude Hollandse meesters uit zijn privécollectie. Op zijn kantoor aan Madison Avenue wrijft de ondernemer tijdens het gesprek meermaals met zijn handen over zijn gezicht. Hij leunt achterover in zijn stoel. ‘Als ik af en toe niet uit mijn woorden kom, schrijf ik dat aan de jetlag toe’, verontschuldigt hij zich bij voorbaat.

Kunstverzamelaar en miljardair Thomas Kaplan: 'Ik hou niet van middelmaat' (1)

Maar New Yorker Thomas Kaplan (54) is niet iemand die niet uit zijn woorden komt. Hij formuleert zijn zinnen zeer zorgvuldig. Liever laat hij hier en daar een lange stilte vallen dan dat hij een zin uitspreekt die niet klopt of niet lekker loopt.

Kaplan was in Parijs om de opening bij te wonen van de expositie ‘Chefs-d’oeuvre de la collection Leiden, le siècle de Rembrandt’. In het Louvre hangt nu een deel van de Leiden Collection, zijn privéverzameling oude meesters, vernoemd naar de geboorteplaats van Rembrandt van Rijn. Voor het eerst hangen zoveel werken uit zijn privécollectie bij elkaar. De Rembrandts, Gerrit Dous, Jan Steens, Frans van Mierissen en Godfried Schalckens zijn allemaal eigendom van Kaplan, die samen met zijn vrouw Daphne Recanati Kaplan veertien jaar geleden uit het niets besloot oude Hollandse meesters te gaan verzamelen. Inmiddels heeft de miljardair meer dan 250 schilderijen (waarvan elf Rembrandts) en schetsen uit de Gouden Eeuw. Hij koopt alleen uit het ‘topsegment’, dat wil zeggen: de werken waarvoor zelfs grote musea als het Getty in Los Angeles en het Louvre niet altijd genoeg geld hebben. ‘Ik hou niet van de middelmaat’, zegt hij. Of zijn appartement in de New Yorkse wijk Chelsea groot genoeg is om al die schilderijen te herbergen, wil hij niet zeggen. ‘Het doet er ook niet toe.’

Op zijn kantoor hangen de muren vol oude meesters, zoals het metersbrede werk Lot en zijn dochters achter hem, van de Nederlandse schilder Abraham Bloemaert. Het zijn digitale kopieën, die volgens de verzamelaar niet van echt zijn te onderscheiden.

CV

Thomas Kaplan

1962

Geboren in New York

Jeugd

Groeide op in New York en Florida

Vermogen

Vergaarde zijn vermogen door te investeren in grondstoffen. Is de oprichter van Apex Silver Mines, African Platinum PLC en Leor Exploration & Production, een bedrijf dat koolwaterstoffen exploreerde en produceerde.

Verzamelen

Besloot in 2003 oude meesters te gaan verzamelen.

Liefdadigheidsinstelling

Richtte samen met zijn vrouw de Panthera Organization op, een liefdadigheidsinstelling die zich inzet voor wilde tijgers.

Vermogen

Zijn persoonlijk vermogen wordt door Forbes geschat op 1,03 miljard dollar. Kaplan is getrouwd en heeft drie kinderen.

Collectie

theleidencollection.com

Thuis en hier op uw kantoor hebt u slechts replica’s hangen van de werken die u bezit. Zijn de Rembrandts volgens u te kostbaar om in een woonhuis op te hangen? ‘Nee, absoluut niet. Maar ik wil mijn verzameling niet aan mijn eigen muren hebben. Dat zou verspilling zijn. Ik gebruik kunst om te verbinden. In deze tijd is dat nodig.’

Wat bedoelt u? ‘Ik ben ervan overtuigd dat u begrijpt wat ik bedoel. Kijk naar de wereld om u heen. Kijk naar onze nieuwe president. Ik wil liever niet over hem praten met u. Maar wat ik zeker weet is dat onze kleinkinderen later zullen vragen: “Hoe was het om in de jaren tien van deze eeuw te leven?” We leven niet in een tijd van verbinding, ook in Europa niet. Iedereen kan nu op zijn eigen manier zijn bijdrage leveren. Ik doe dat door zeldzame werken uit te lenen aan musea. Ik verkeer in de uitzonderlijke positie dat ik daar de middelen voor heb.’

‘De schilderijen zijn nu te zien in het Louvre. Daarna gaan ze door naar China, naar Peking en Shanghai. Dan reist de expositie door naar Abu Dhabi. Rembrandt is voor mij een brug tussen culturen. In een stad die op rijafstand ligt van Mosul, in de Emiraten, gaan wij, een stel Amerikanen, Hollandse meesters tonen in een museum met een Franse achtergrond (het Louvre Abu Dhabi, red.). Dat is mijn manier om te zeggen: verbind u.’

Kaplan heeft een jeugdig voorkomen. Een volle bos haar, een brede mond vol witte tanden en indringende ogen. Hij draagt tijdens de ontmoeting niet het driedelige pak waarin hij meestal wordt gefotografeerd. De ondernemer draagt een spijkerbroek, instappers, een hemd met das en een gebreid vest met grote knopen. De gordijnen van zijn New Yorkse kantoor zijn gesloten. Of dat vanwege de jetlag is? Hij veert op uit zijn stoel. ‘O nee. Mijn achterkamer keek eerst uit op prachtige balkons, met daarachter Central Park. Het uitzicht deed me denken aan de kleine balkons in Leiden, aan Amsterdam en zelfs aan Parijs. Maar kijk wat ze gedaan hebben.’ Met een zwiep rolt hij het gordijn omhoog. Een hoge grijze muur op een meter afstand van zijn kantoor blokkeert het uitzicht. ‘Deze toren stond hier plotseling. Tot mijn ongenoegen. Ik vind het een vreselijk gedrocht. Dus sindsdien zit ik hier met de gordijnen dicht.’

‘Ik heb vast privileges bij musea, maar ik betaal liever de entreeprijs en ga als gewone burger naar binnen’

Hier, dat is de Upper East Side van Manhattan, aan Madison Avenue, een straat met chique winkels. Op de voordeur van het royale penthouse dat hij heeft laten ombouwen tot zijn kantoor, is een camera gericht. Ook in de lift hangen camera’s. Wie binnenkomt, wordt verwelkomd door een groot schilderij van een tijger, met een zware, gouden lijst eromheen. Boven, in zijn wachtruimte, hangt een foto van een vliegtuig dat aan de gate staat. Daartegenover een muur vol artikelen, uit Amerikaanse en internationale media, die zijn geschreven over Kaplan. Over zijn filantropie – de keer dat hij twee Britse gevechtsvliegtuigen uit de Tweede Wereldoorlog liet restaureren tot ze weer vlogen. De ene, een Spitfire N3200, schonk hij in het bijzijn van de Britse prins William aan het Imperial War Museum in Duxford. De andere, een P9347, leverde bij Christie’s Londen meer dan 3 miljoen pond op. Het bedrag schonk hij aan goede doelen. En over zijn passie voor wilde tijgers. Sinds kort praat Kaplan ook met de pers over zijn zeldzame kunstcollectie.

Veel van de werken die u en uw vrouw de afgelopen decennia aankochten, hebt u nooit thuis of in de opslag gehad. U leent alles uit. Is dat een gemis? ‘Nee. Het is niet mijn doel ze te verstoppen voor publiek.’

Kunt u er dan wel van genieten? ‘Voor mij is het genoegen veel groter als ik weet dat kinderen zich laten inspireren door een Rembrandt die dankzij mij ergens wordt tentoongesteld. Wij doen dit niet voor onszelf. Delen zit in ons DNA.’

Uw kantoor is op loopafstand van het Metropolitan Museum of Art, waar ook werken hangen die u hebt aangekocht. Het zijn werken die u uitleent aan het museum. Mag u het museum na sluitingstijd bezoeken? ‘Dat zou ik wel mogen, maar dat wil ik niet. Wij hebben een relatie opgebouwd met zeker veertig musea, waar ik ongetwijfeld privileges heb. Maar ik betaal liever de entreeprijs en ga als gewone burger naar binnen.’

U betaalt liever dan dat u zich kenbaar maakt. Wat zegt dit over u? ‘Ik laat het aan de geleerden over om daarover te oordelen. Het is niet ongebruikelijk dat iemand met een bepaalde positie in een bepaalde wereld met een zekere aanbidding wordt behandeld. Ik vind het plezieriger als een normaal persoon te worden behandeld.’

‘Ik leef mijn leven alsof ik nog achttien maanden heb. In die tijd kun je een bedrijf opzetten’

U was tot voor kort een anonieme verzamelaar en leende werken slechts anoniem uit. Waardoor bent u van gedachten veranderd? ‘Mijn vrouw, Daphne, en ik hebben absoluut niet de behoefte onze naam te zien staan naast een werk in een museum. Toen we besloten dat we de Leiden-collectie digitaal gingen aanbieden (via theleidencollection.com, red.), wisten we dat duidelijk zou worden wie erachter zat.’

‘Toen we twee jaar geleden een Rembrandt kochten, een van de vijf zintuigen, hebben we niet bekendgemaakt dat wij de kopers waren. Er werd gespeculeerd, en uiteindelijk kwam het uit. Toen realiseerden we ons hoe relevant Hollandse kunst in het algemeen en Rembrandt in het bijzonder nog altijd zijn. Rembrandt is universeel. Dat is het punt dat ik wil maken.’

Welk werk van Rembrandt maakte bij u het verlangen los alles over hem te weten? ‘Mijn moeder nam me op mijn zesde mee naar het Metropolitan Museum in New York – ik weet nog dat ik twee voortanden miste en dat ik nadien een hotdog kreeg. Daar zag ik een Rembrandt, ik weet niet welke, en raakte ik in vervoering. Op mijn achtste mocht ik van mijn ouders kiezen naar welk Europees land we met vakantie zouden gaan. Die keuze was niet moeilijk. Ik kwam voor het eerst in het Rijksmuseum. Mijn fascinatie voor Rembrandt is nooit meer verdwenen. Toen ik in Zwitserland op kostschool zat, ging ik altijd via Amsterdam naar huis. Zo kon ik zoveel mogelijk Nederlandse musea bezoeken.’

Kunstverzamelaar en miljardair Thomas Kaplan: 'Ik hou niet van middelmaat' (2)

Waarom hebt u een Frans museum gekozen om uw Nederlandse verzameling tentoon te stellen? ‘Ik sprak eerst met een Amerikaans museum over een tentoonstelling. Toen het Louvre daarvan hoorde, zei de curator: “Laat ons het doen.” Het Louvre is het beste museum ter wereld. Daar ga ik geen nee tegen zeggen. Ik heb een bijzondere band met Parijs. Twee van mijn drie kinderen zijn er geboren en we hebben een huis in het zevende arrondissem*nt. Ik hou ook van het Rijksmuseum, hoor, maar dit is nu eenmaal zo gelopen.’

Voor de expositie in Parijs zijn dertig werken naar Parijs gehaald van uw collectie. Curator Blaise Ducos van het Louvre heeft de tentoonstelling samengesteld. In hoeverre had u iets te zeggen over de werken die getoond zouden worden? ‘Waarom vraagt u dat?’

Omdat het me interessant lijkt te weten in hoeverre u als privébezitter van zoveel unieke werken iets te zeggen hebt over wat waar hangt. ‘Ik vind het niet van belang.’

Hebt u overlegd met meneer Ducos? Geïrriteerd: ‘Dit is de derde keer dat u dit vraagt. Ik wil er niets over kwijt.’

Thomas S. Kaplan leeft zijn leven alsof hij nog achttien maanden te leven heeft, zegt hij. ‘Zo ben ik het productiefst. In achttien maanden kun je een bedrijf opzetten.’ De New Yorker groeide op in New York en Florida, ging naar school in Zwitserland en haalde zijn doctoraat aan Oxford University. Daarna investeerde hij in grondstoffen. Hij richtte Apex Silver Mines op, African Platinum PLC en Leor Exploration & Production, een bedrijf dat koolwaterstoffen exploreerde en produceerde. De 2,55 miljard dollar die de verkoop van de gastak van dat bedrijf opleverde, investeerde hij onder meer in zilver en goud. In 2003 besloot hij oude meesters te gaan verzamelen. Samen met zijn vrouw heeft hij daarnaast de Panthera Organization opgericht, een liefdadigheidsinstelling die zich inzet voor wilde tijgers. Zijn persoonlijk vermogen wordt door Forbes geschat op 1,03 miljard dollar.

Hollands voorjaar in Parijs

De expositie Meesterwerken van de Leiden-collectie (met de stukken van Thomas Kaplan) is nog tot 22 mei te zien in Musée du Louvre, Parijs. In diezelfde periode zijn ook werken van Johannes Vermeer te zien.

Karel Appel

En er zijn meer exposities in Parijs met een Nederlands tintje: Kunst als feest, met werk van Karel Appel, in het Musée d’Art Moderne (t/m 22 aug), en de tekeningen in de Fondation Custodia.

U zei onlangs dat u zichzelf eerder niet als verzamelaar zag. Waardoor veranderde dit? ‘Ik wist simpelweg niet dat een privépersoon een Rembrandt kan bezitten. Toen bleek dat dit kan, wilde ik het direct.’

U kocht jarenlang wekelijks een Hollandse meester. Waarom had u zo’n haast? ‘Het was de goede tijd. In 2007 heb ik meerdere bedrijven goed verkocht, net voor de financiële crisis. Ik had daarna de middelen en de wil om het te doen.’

Ziet u de aanschaf als een belegging? ‘De waarde is niet zo belangrijk voor me, al zijn het vermoedelijk goede investeringen.’

Zijn er mensen die meer Rembrandts in privébezit hebben dan u? ‘Ik stelde die vraag laatst aan mijn kunsthandelaar in New York. Hij zei: “Waarschijnlijk ben jij degene met de meeste Rembrandts.” Bovendien verzamelen mijn vrouw en ik de diepte in. Dat is uniek. We willen alles van een kunstenaar hebben. Ook uit zijn mindere periode.’

Is uw verzameling compleet? ‘Nee. We zijn nog actief. Maar zeer selectief.’

Op welk schilderij zou u een bod doen? ‘Het vijfde zintuig van Rembrandt. Niemand weet of het bestaat. Regelmatig zeggen mensen tegen me: “Ik zal het voor je vinden.” Doe maar, dan koop ik het. Het lijkt me stug als dit lukt in mijn leven. Dat werk is al vierhonderd jaar oud, als het nog bestaat. Wat ik ook nog graag zou willen is een Nicolaes Maes uit 1655. Wie die in huis heeft, mag me altijd bellen.’

Lees meer in FD Persoonlijk, het weekendmagazine van Het Financieele Dagblad over mensen, lifestyle, kunst, cultuur, mode en reizen.

Kunstverzamelaar en miljardair Thomas Kaplan: 'Ik hou niet van middelmaat' (2024)

References

Top Articles
Latest Posts
Article information

Author: Prof. Nancy Dach

Last Updated:

Views: 6695

Rating: 4.7 / 5 (77 voted)

Reviews: 92% of readers found this page helpful

Author information

Name: Prof. Nancy Dach

Birthday: 1993-08-23

Address: 569 Waelchi Ports, South Blainebury, LA 11589

Phone: +9958996486049

Job: Sales Manager

Hobby: Web surfing, Scuba diving, Mountaineering, Writing, Sailing, Dance, Blacksmithing

Introduction: My name is Prof. Nancy Dach, I am a lively, joyous, courageous, lovely, tender, charming, open person who loves writing and wants to share my knowledge and understanding with you.